logo009

HET KERMISBEDRIJF

VAN DE

FAMILIE KIPPERS

De familie Kippers uit het Limburgse Arcen reisde vele tientallen jaren met onder andere een Luchtschommel en een Zweefmolen. Zij bezochten hoofdzakelijk de kleinere plaatsen in Brabant en Zeeland, zoals Colijnsplaat, Kortgene, Alphen, Riel en Terheyden. Door de groeiende belangstelling voor nostalgische kermissen trad de familie wat meer op de voorgrond, omdat ze regelmatig werden verzocht om met hun zaken diverse evenementen op te luisteren. Voor het echtpaar Kippers werd het in de loop der tijd gewoon een hobby. Ondanks het feit dat er enkele malen geld werd geboden voor de nostalgische Luchtschommel en Zweefmolen hebben ze er nooit afstand van kunnen doen.

HENK & MARIE
Henk Kippers was geen kermisexploitant van huis uit. Hij werd geboren in het Overijsselse Delden, waar hij later werkzaam was in de agrarische sector. Zijn vader ging daar in de omgeving de boeren af met levensmiddelen, dus het reizen zat al een beetje in de familie. Omstreeks 1953 begon Henk Kippers aan een heel ander leven. Hij had wel interesse in het kermisbedrijf en besloot voor zich zelf te beginnen. Hij kocht een Gebakkraam en ging op reis. De vrouw van Henk, Marie is geboren op de reis, als één van de veertien kinderen van de Belgische kermisfamilie Ter Linde, die vroeger met een Hypodrôme reisde en later met de Ponybaan. Zij leerde Henk kennen tijdens de kermis in Domburg. Henk stond daar toen met zijn Gebakkraam en de familie Ter Linde met de Ponybaan. Na hun huwelijk woonde ze eerst een tijdje in Maastricht, maar later kochten ze een huis in Echt.

Kipp1

DE LUCHTSCHOMMEL IN BRAND
Van hun eerste zuinig gespaarde geld schaften zij een Luchtschommel aan, die afkomstig was van Minus Scheffer. Voor het transport kochten zij een tweedehands Gartner autobus, die tot pakwagen werd omgebouwd. Ze hebben er echter niet lang plezier van gehad. Op een dag, de Luchtschommel was net voorzien van een gloednieuw zeil, kregen ze en klapband, ergens in de buurt van Leende. De benzinetank vloog in brand en de gehele zaak ging verloren. Kippers heeft nog geprobeerd het nieuwe zeil te redden, maar men heeft hem uit de brandende wagen moeten halen. De situatie werd te gevaarlijk. Alleen de zware koperen bel is bewaard gebleven. Ze waren in één klap alles kwijt en moesten van vooraf aan beginnen. Toch lukte het om in vrij korte tijd een nieuwe Luchtschommel te kopen bij een kermisexploitant uit Weert. In de nieuwe schommel stond een Marenghi Orgel dat de naam “De Twee Gezusters” droeg.

Kipp2a

De eerste Luchtschommel van Kippers die korte tijd daarop in de wagen verbrandde.

Kipp3a

Het Marenghi Orgel uit de tweede Luchtschommel.

ZWEEFMOLEN EN DRAAIMOLEN
Enige jaren later kwam er ook nog een Zweefmolen bij, uit de opslag van de firma Gigengack. Deze Zweefmolen had al jaren niet meer gedraaid en zag er niet al te best uit. Voor Kippers was dat echter geen probleem. Het onderhoud en schilderwerk deed hij altijd zelf, dus het was vanzelfsprekend dat hij ook de Zweefmolen weer piekfijn in orde bracht. Henk was wel handig. Hij verrichte zelfs kleine reparaties aan het orgel.

De Zweefmolen met fraai schilderwerk van Henk Kippers.

Kipp10a

Na de Luchtschommel en de Zweefmolen kwam er nog een derde zaak bij: een Draaimolen. Waar deze vandaan kwam is niet bekend. Deze molen werd later nog voorzien van een andere mast, afkomstig van de Draaimolen van L. Beeke uit Standaardbuiten. Hier kocht Kippers ook nog een Steenput Orgel. Het werd een druk leven met drie zaken op reis, maar ze deden het met plezier. Daar kwam verandering in toen Marie Kippers hartproblemen kreeg en genoodzaakt was het wat rustiger aan te doen. Ze besloten te verhuizen naar Arcen en kochten daar een café. Maar het reizen zat hen in het bloed en zeker Marie kreeg al snel heimwee naar het kermisleven. Wanneer ze in het voorjaar de kermiswagens richting Enschede zag rijden had ze het moeilijk. Zelfs de papagaai, al vijfentwintig jaar de huisgenoot van de familie, at niet meer. De reis werd spoedig weer hervat. Gelukkig waren de zaken niet tussentijds verkocht en konden ze vrij snel de oude route vervolgen. Het café hielden ze echter nog wel aan. Dit zou nog twaalf jaar hun eigendom blijven.

Kipp14a

GEBAKKRAAM ALS 4e ZAAK
In 1969 gaf Kippers een bedrijf in het Belgische Wetteren de opdracht een nieuwe Gebakkraam te bouwen. Ze gingen met vier zaken de zeventiger jaren in. Er werden in de loop der jaren menig jubileum gevierd op kermissen waar de familie twintig, dertig of zelfs vijfendertig jaar kwam. Toch werden na verloop van tijd de kermissen minder. De personeelskosten voor vier attracties waren op den duur nauwelijks meer op te brengen. De Gebakkraam verdween als eerste in de opslag, enige jaren later gevolgd door de Zweefmolen, die op het laatst nog maar een keer of vier per jaar werd opgebouwd. De Luchtschommel bleef het langst in exploitatie en heeft tot het laatst met een orgel gereisd. Meestal was dat de Marenghi, maar soms ook het Steenput Orgel.

DE KINDEREN
Het echtpaar Kippers had twee dochters, Anneke en Greetje. Anneke is voor zo ver bekend niet op de kermis gekomen. Greetje (Greta) echter wel, want zij trouwde met Ruud van de Stay en zij gingen reizen met de Draaimolen. De gezondheid van Henk Kippers ging achteruit en hij was genoodzaakt zijn bedrijf stop te zetten. Na verloop van tijd moest hij worden opgenomen in een verpleegtehuis. Hier overleed hij op 15 februari 2003 op drieënzeventig jarige leeftijd. Greetje en Ruud van de Stay - Kippers zetten het familiebedrijf voort. De Luchtschommel en de Zweefmolen zijn later waarschijnlijk verkocht.

H. van Oers

Deze site is het laatst aangevuld/bewerkt op 27 april 2011.

Veel foto’s en afbeeldingen uit de diverse hoofdstukken en meer vind u op http://album.kermishistorie.nl