logo009

LUNAPARK

van

LAURENS JANVIER

Laurens Janvier volgde in het kermisbedrijf min of meer zijn vader op, omdat hij veel vaste kermissen van hem had overgenomen. Dit waren kermissen waar Hendrik Janvier zijn ‘Lunapark’, maar ook zijn Stoomcarrousel exploiteerde.

TOCH TWEE VERSCHILLENDE LUNAPARKEN
Toen Laurens in 1919 trouwde met Cato de Rooy, dochter van een transportondernemer, ging ook hij met een ‘Lunapark’ op reis en exploiteerde hij op de kermissen waar voorheen zijn vader altijd stond. Uit oude verpachtinglijsten blijkt dat het ‘Lunapark’ van Laurens exact dezelfde afmeting had als die van zijn vader, twaalf bij tweeëntwintig meter. Daarom bestond lang het vermoeden dat hij deze zaak van zijn vader had overgenomen. Maar het ‘Lunapark van Hendrik Janvier werd na de beëindiging van de reis opgeslagen en kwam pas in 1938 bij een openbare verkoop onder de hamer.

Luna1a

VROLIJK FRONT
Het ‘Lunapark’ van Laurens Janvier had een vrolijk front in de vorm van een mensenhoofd, waar het publiek door de geopende mond naar binnen moest. Dit front was een ontwerp van Dries Giezen. De zaak had destijds nog geen rollen en ook geen draaiende ton, want die werden pas later bijgebouwd. Een eenvoudig orgeltje, dat slechts één deuntje speelde, stond boven in de tunnel. Omstreeks 1921 werd de tent met twee meter verlengd, mogelijk om ruimte te creëren voor meer bewegende onderdelen. De bruggenwagen werd ontworpen en gebouwd door de firma Reemer, die een constructiewerkplaats had op de kade te Bergen op Zoom, op de plaats, waar later de firma Ribbens zich vestigde. Niemand kon toen nog vermoeden, dat een kleinzoon van deze Reemer later de schoonzoon van
Laurens zou worden. Aan het eind van de twintiger jaren werd de zaak voorzien van een nieuw front.

Luna3

Het ‘Lunapark’ van L. Janvier in de beginjaren.

Dit bekende front met de twee torens was wederom een ontwerp van Dries Giezen en zou nog tot en met 1965 voor de tent blijven staan. Het oude front ging in de opslag, maar zou later weer een plaatsje krijgen voor het ‘Lunapark’ van Piet Janvier.

Luna4
Luna2a

Het front dat ontworpen werd door Dries Giezen.

Stoomcarrousel en ‘Lunapark’ werden regelmatig naast elkaar opgebouwd.

TWEE ATTRACTIES
Inmiddels had Laurens ook de Stoomcarrousel van zijn broer J.W. overgenomen, nadat deze de molen van de weduwe Nizet had gekocht. Vanaf 1924 was dus Laurens Janvier met twee grote attracties onderweg. Regelmatig werden Stoomcarrousel en ‘Lunapark’ naast elkaar opgebouwd en vormden zo samen een groot Vermaakpaleis. Dit ging helaas alleen maar op de wat grotere kermissen. Na afloop gingen dan beide zaken weer uit elkaar om de gepachte reisroute te vervolgen.

Luna6a

Het Carl Frei orgel dat werd overgenomen van Reinhard Dirks.

Kermis te Tilburg in 1929.

OORLOGS CHAOS
Gedurende de oorlogsjaren lagen de zaken van Janvier zo goed als stil. De Stoomcarrousel is nog een enkele keer opgebouwd, maar daar bleef het dan ook bij. In mei 1944 zorgde een grote brand op het terrein van Janvier voor een grote ravage, waarbij onder andere het Limonaire orgel uit het ‘Lunapark’ verloren ging. Onmiddellijk ging men op zoek naar een nieuw orgel en al redelijk snel vond men een Carl Frei orgel bij Reinhard Dirks. Van deze exploitant werd ook een negen meter lange pakwagen 

overgenomen, afkomstig van diens Autoscooter. Met de bevrijding van Bergen op Zoom kreeg Laurens Janvier een nieuwe ramp te verwerken. Maar liefst twaalf granaatinslagen zorgde wederom voor een grote ravage. Ditmaal ging de bruggenwagen van het ‘Lunapark’ grotendeels verloren. Er waren minstens twintig weken nodig om het ‘Lunapark’ weer bedrijfsklaar te maken, alvorens deze attractie, na jaren stilgelegen te hebben, aan een nieuw kermisseizoen begon. De bruggenwagen was bijna helemaal van hout en om die weer bedrijfsklaar te maken was dus nieuw hout nodig, maar dat was niet beschikbaar. Er moest dus een oplossing gevonden worden en uiteindelijk besloot men gebruik te maken van gebruikte oude ijzeren pijpen die ook nog eens goed waren ingesleten van het ketelsteen. Het lukte wonderwel om van deze oude materialen een bruikbare bruggenwagen te bouwen. Uiteindelijk vertrok alles weer uit de opslag, want er moest geld verdient worden om al die verloren jaren en alle opgelopen schade te compenseren.

SCHOONZOON GEORGE REEMER
George Reemer, die inmiddels getrouwd was met dochter Lena, ging met de Stoomcarrousel op reis. Voordat hij voor zijn schoonvader ging werken was hij nog tijdelijk in dienst bij de firma J.W. Janvier als chauffeur, monteur en controleur. Hij ontving hier voor vijfendertig gulden per maand, inclusief kost en inwoning. Laurens had veel vertrouwen in het pasgetrouwde stel. De glorietijd van de Stoomcarrousel was echter voorbij. Het eerste jaar na de oorlog was nog wel goed, maar in 1947 kwam er toch echt de klad in. Gelukkig draaide het ‘Lunapark’ wel goed, ook mede door de vele vaste plaatsen. Verder was het natuurlijk ook een prachtzaak om te zien en te beleven. George Reemer reisde permanent met het ‘Lunapark’. In eerste instantie was hij in loondienst bij zijn schoonvader, maar later werd hij voor een derde eigenaar met recht van koop. In 1957 deed Laurens de zaak definitief over aan zijn schoonzoon.

Luna5a

Het interieur in de vijftiger jaren.

MODERNISERING
Deze begon gelijk met moderniseren. Het ‘Lunapark’ reisde toen nog steeds per trein, maar één voor één werden de wagens op luchtbanden gezet. In 1965 liet men bij de firma Ribbens in Bergen op Zoom een nieuwe tent bouwen. Het nieuwe front maakte men later zelf. Verder werd er hard gewerkt om het aantal transporten drastisch terug te brengen. In Venlo kocht men het onderstel van een Duitse mobiele betoncentrale dat onder de bruggen gebouwd moest worden. Verder trof men maatregelen zodat de zeewagen en de wagen met de draaiende ton niet meer apart vervoerd hoefden te worden. Enige tijd later bestond het transport nog uit slechts drie vrachten. De zeewagen en de wagen met de draaiende ton stond voortaan op een Daf vrachtwagen. Achter deze Daf hing dan de bruggenwagen. Verder was er nog een Daf vrachtwagen voor de tent en deze stond dan voor de salonwagen. Tenslotte was er nog een derde Daf vrachtwagen met het aggregaat en deze stond voor de orgelwagen. Het resultaat was dat er zo maar vier wagens wegvielen. Uiteraard ging men vanaf die tijd ook over de weg.

JUBILEUM
Gezien het aantal vaste plaatsen werd er in de loop der jaren regelmatig een jubileum gevierd. Enkele bekende vaste plaatsen uit de vijftiger en zestiger jaren waren onder andere Etten - Leur, Oosterhout, Drunen, Waalwijk, Venray, Waspik, Gilze en Rijen. George Reemer stopte in 1984 en deed het ‘Lunapark’ over aan zijn zoon Chris. Vanaf die tijd werd er opnieuw gemoderniseerd en veranderde er
veel. Het orgel verdween, er kwam een nieuw front, dat geheel op een wagen gebouwd was en het wagenpark werd grotendeels vernieuwd. Onlangs vierde Chris Reemer het feit dat het ‘Lunapark’ negentig jaar achtereen op de kermis te Etten - Leur stond. Op naar de honderd jaar.

H. van Oers

Luna13a

Huldiging te Etten - Leur in 1969.

Deze site is het laatst aangevuld/bewerkt op 27 april 2011.

Veel foto’s en afbeeldingen uit de diverse hoofdstukken en meer vind u op http://album.kermishistorie.nl