|
Later ging Huibert Slok over op de exploitatie van een hydraulische ‘Vliegtuigmolen’, waarschijnlijk na zijn huwelijk met Mientje Meyer, kleindochter van Martin Meyer, die vroeger een van de mooiste Draaimolens van ons land bezat. De vliegtuigjes in de molen, die een diameter had van zeventien meter, gingen tijdens het draaien allemaal tegelijk omhoog en omlaag en Slok vond zelf dat er eigenlijk maar weinig sensatie in de rit zat. Jarenlang zat hij in zijn kassa gedurende de exploitatie te piekeren hoe hij hier verandering in kon brengen. Na veel experimenteren slaagde hij erin de molen zo aan te passen dat het publiek zelf het vliegtuig kon besturen. In de twaalf blinkende aluminium vliegtuigjes werden stuurknuppels gemonteerd, die door het publiek eenvoudig te bedienen waren en waardoor de vliegtuigjes onafhankelijk van elkaar konden stijgen of dalen.
|